De eerste schooldag

Daar gaat ze dan… Vandaag mocht ook mijn kleine meid naar school. Aarzelend stapte ze richting haar klasje. Haar watertje zet ze zorgvuldig in het vakje met de taart (haar symbooltje de komende tijd). Haar banaantje hoort volgens haar in een ander vakje thuis.

Daarna mag ze mee naar een voor haar wat bekendere ruimte: de klas van grote broer. Hij is supertrots dat nu ook kleine zus bij hem naar school gaat.

De speelplaats kent weinig geheimen. Toch blijft ze dicht bij mama. Wanneer de bel gaat, volgt een gilletje en dan mag ze op de blauwe stippen staan. Alleen wil ze liever mee met mama en dit laat ze merken met traantjes. Traantjes die even snel verdwijnen bij de juf.

En mama? Geen traantjes hier. Mijn kleine meid wordt groot en daar ben ik trots op! Ik stop wel speciaal vroeger met werken om ook op tijd terug aan de schoolpoort te zijn.

Onze kleine meid komt, zoekend naar een bekend gezicht, de klas uit en is superblij om ons terug te zien. Ze is wel o zo moe. Behalve een traantje in de eetzaal en een middagdipje in de klas heeft ze het zeer goed gedaan.

En morgen… morgen wil mijn kleine meid terug naar haar klasje

Advertenties

Paasvakantie: Q-time met de kids

De eerste week van de Paasvakantie is voorbij. Eén weekje verlof om samen met de kids op avontuur te trekken in eigen stad en eigen buurt.

Dat er in Oostende tijdens de Paasvakantie aan de kinderen wordt gedacht, hoef ik alvast niet meer te vertellen. Met Springtij is er een geweldig cultuurfestival, de kunstwerken van de Crystal Ship kleuren onze straten weer een beetje meer, een nieuw speelpleintje opent in de buurt en ook het strand is bij mooi weer een plekje waar het aangenaam vertoeven is.

Een klein overzichtje van ons weekje:

  • Grote kunst voor kleine kenners (Fort Napoleon)
  • Voelgewoel (Springtij)
  • Opening van het “Geitenpleintje” (het speelpleintje in de nieuwe wijk)
  • Ochtendje op het strand

IMG_3601

  • Bezoekje aan de Zonnegloed (dierenpark in Oostvleteren)
  • Grote kunst voor kleine kenners (zoektocht in de stad)

40 dagen bloggen – Net niet gehaald

Met goede moed begon ik halfweg februari aan de challenge om 40 dagen te bloggen.

Ideeën werden neergekrabbeld op een blad papier, de eerste blogs werden ingepland. Af een toe een snipperdag ertussen en het zou in de sacoche zijn.

Helaas bleef de planning bij de eerste blogs, de volgende dagen teerde in op de ingeving van het moment of een leuke foto die ik maakte. Plannen is niet mijn sterkste punt!

Ik hield te weinig rekening met alle andere activiteiten: verhuizen, werken, kids, sporten…

Moraal van het verhaal: beter plannen, niet flippen wanneer niet alles lukt op een dag en vooral… blijven bloggen. Want leuke herinneringen worden neergepend en op de gevoelige plaat gezet.

Proficiat aan allen die de challenge volbracht hebben!

Tekenen met licht

Afspraak om te “tekenen” met licht was ergens begin januari, op een vochtige avond, in een donker bos (met dank aan de creatieve ideeën van mijn lesgever van de avondschool). Een ideaal momentje om de focus volledig op de omgeving en de creaties van het lichtzwaard, de vuursabel, de brandende staalwol of het vuurstokje te leggen. Geniet mee:

naamloos-3353naamloos-3342naamloos-3242naamloos-3228naamloos-3223

 

Je hebt zo van die dagen…

Je hebt zo van die dagen dat je net voor het geluid van je wekker gewekt wordt door dochterlief die opnieuw haar doudou kwijt is in haar bedje (nog slechts één van die knuffels wil ze altijd bij haar). Vloekend ga je dan naar beneden om haar te troosten en  erna probeer je nog te genieten van een half uurtje warmte in bed. Helaas is het zo’n dag dat opstaan een betere optie lijkt.

Je hebt zo van die dagen dat efficiëntie, productiviteit en creativiteit ver te zoeken zijn. Je krijgt niets op papier, vindt nergens het antwoord waarnaar je zo ongeveer de halve dag naar op zoek bent. Wanneer je even je licht opsteek bij de collega’s geven ook zij een waaier aan opties, waardoor het antwoord nog steeds een groot vraagteken is.

Je hebt zo van die dagen dat je geen bal binnen de lijnen slaat. Dat je misschien beter in je zetel was gaan zitten in plaats van die extra uurtjes beweging mee te pikken. Al zal je later op de avond toch stiekem blij zijn dat je niet heel de avond voor kamerplantje hebt gespeeld.

Je hebt zo van die dagen dat het gewoon niet goed, niet juist aanvoelt, dat je aan alles begint te twijfelen. En dan… Tja, dan hoop je gewoon dat die snel voorbij zijn. Dat de komende nacht er eentje is zonder onderbrekingen. Dat je de volgende dag gewoon beter uitgerust bent.

Want ja, morgen is een andere dag. En dan kan het alleen maar weer beter.

 

Het zakgeld-dilemma opgelost?

Vorige week dinsdag volgde ik de webinar “Pree voor onze kadee” van de gezinsbond. Marijke Bisschop, pedagoge, vertelde er meer over de financiële opvoeding van kinderen. Ik was vooral benieuwd vanaf welke leeftijd je zakgeld kan geven aan je kinderen en hoeveel zakgeld je geeft per maand/per week. Natuurlijk ben je vrij om dit zelf te kiezen, maar enkele richtlijnen zijn altijd handig.

Wat is mij bijgebleven en zou ik graag zelf toepassen in de toekomst?

  1. Zakgeld vormt eigenlijk ook een beetje leergeld: kinderen leren de waarde van geld kennen, leren sparen, leren er zelf over beschikken en moeten nadenken aan wat ze het uitgeven. Ze leren ook dat je niet alles kan kopen wat je wil en dat ze soms moeten sparen (en vooral wachten) om dat ene te kopen wat ze echt willen.
  2. Vanaf welke leeftijd? Vanaf de leeftijd van 7 à 8 jaar zijn kinderen er zich bewust van wat nodig is om iets te kopen. Ze leren op die leeftijd ook rekenen. Kinderen weten op deze leeftijd wel nog niet waar het geld vandaan komt en waaraan wij (als volwassenen) onze zuurverdiende centjes besteden. Leg uit aan je kinderen hoe de bank werkt en leg bijvoorbeeld aan de hand van een taart uit waaraan wij centjes uitgeven (eten, abonnementen, lening woning…)
  3. Hoeveel zakgeld geven we per week/per maand? Dit kan je natuurlijk volledig vrij kiezen, maar de gezinsbond biedt een zeer goede leidraad aan in de webinar. Tussen 6 en 8 jaar kan je 1 à 2 euro zakgeld per week geven (klein beginnen). Dit bouw je jaar na jaar op. Vanaf een leeftijd van 14 jaar kan je ongeveer 30 euro per maand geven. Vanaf deze leeftijd zijn kinderen zelfstandiger en kunnen ze over meer autonomie beschikken om hun zakgeld te beheren. Ze kunnen dit zakgeld dan gebruiken om bijvoorbeeld een broodje op school te kopen, kledij te kopen, voor hun smartphone…
  4. Open communicatie over zakgeld is belangrijk. Zo kunnen niet alle kinderen van het gezin evenveel krijgen. Wanneer zoonlief bijvoorbeeld zijn eerste zakgeld zal krijgen, zal zuslief hier nog te jong zijn. Kinderen beschikken zelf over hun zakgeld, maar soms moeten er duidelijke afspraken gemaakt worden. Wanneer hij/zij elke week met het zakgeld een zakje chips koopt in de sportcafetaria, kan je de afspraak maken dat het zakgeld niet dient om elke week snoep te kopen (grenzen stellen). Ga het gesprek aan om uit te leggen waarom sparen belangrijk is. Sparen betekent eigenlijk geld opzij zetten en vooruit kijken. het kind leert plannen, omgaan met geld en verlangen naar hetgeen waarvoor ze sparen.
  5. Kan je zakgeld afnemen als sanctie? Hierover was Marijke Bisshop zeer duidelijk: “NEE”. Je kan wel op voorhand afspreken dat wanneer er iets stuk is, je kind een deeltje zal moeten betalen met zakgeld. Maar zakgeld geven om het daarna opnieuw af te nemen als sanctie, is niet de bedoeling.

Nog een laatste leuk tip die ik wil meegeven (hieraan had ik zelf nog nooit bij stilgestaan): laat oudere kinderen meedenken over een familie-uitstap. Laat ze beschikken over een bepaald bedrag waarmee ze een volledige daguitstap moeten plannen. Zo leren ze nadenken over hoeveel iets kost, waaraan ze het geld willen uitgeven, leren ze prijzen vergelijken…

 

 

Mijn kleine man wordt 5!

5 jaar geleden beleefden we een korte, maar hectische nacht. Net na het slapengaan besloot je dat het tijd was om geboren te worden. Snel reden we naar het, gelukkig niet al te verre, ziekenhuis en anderhalf uur later hoorden we je eerste schreeuwtjes.

IMG_0097

Het begin van ons avontuur met jou, ons klein mannetje. Al snel ontpopte je jezelf tot een heel lief mannetje die af en toe zeer erg over zijn toeren kon zijn. Zo erg zelfs, dat je uren later nog aan het nasnikken was.

Mijn kleine mannetje is ondertussen een flinke kleuter. Je bent nog steeds heel gevoelig (dat zien we als we eens kwaad zijn of als er iets niet goed lukt), maar je kan er beter mee omgaan. Het nasnikken duurt geen uren meer. Onze grootste worstelmomenten zijn de maaltijden. Voor groentjes lijk je allergisch te zijn en meer dan groene patatjes met fishsticks lijk je niet te lusten (al horen we wel dat je op school zowat alles proeft). Een brokje of kruidje in de soep vinden doet je besluiten dat het niet meer lekker is.

Op school laat je je graag omringen door de meisjes. Ik hoor je vaak zeggen: “mama, ik vind H. heel leuk” of “ik ben verliefd op J.” Dat belooft voor later!

Waar je vroeger in de ban was van Thomas de trein, lijk je deze periode nu een beetje achter je gelaten te hebben. Je speelt wel nog eens met je treintjes, maar je gaat snel op zoek naar andere bezigheden. Puzzelen blijft wel een topper, al denk ik dat de kaartjes die je ervoor op school krijgt daar voor iets tussenzitten. Je tekent en knutselt heel graag. Je oude kamertje was niet voor niets een galerij van kunstwerkjes. In het nieuwe huis zijn we nog op zoek naar een plaatsje.

Ondertussen werd je ook grote broer. Je had het zeer moeilijk met haar komst, maar 2 jaar later lijk je niet meer zonder haar te kunnen. Toch heerst er een soort haat-liefdeverhouding tussen jullie.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

5 jaar ondertussen, wat gaat de tijd snel (helaas een cliché dat lijkt te kloppen).

Feestweekend

We staan aan de vooravond van een weekend vol feest. Morgen wordt zoonlief 5 jaar, zondag is het de beurt aan nichtje O. En maandag wordt vriendlief een jaartje ouder.

Deze avond werden de eerste voorbereidingen getroffen: cakejes bakken om morgen na de turnles uit te delen.

Zondagavond wordt een tweede lading gebakken om op maandag in de klas uit te delen. Een klascadeautje wordt nog gezocht.

Morgen maken we er een klein feestje van met ons gezinnetje. Zondag trek ik met de jongste naar Brussel voor de verjaardag van O. en om het jaarlijks dansfeest van mijn 3 nichtjes bij te wonen.

Een feestje voor zoonlief met de ganse familie volgt later.

Ons succesreceptje om cakejes te bakken vond ik hier (de cakejes bakten 20 minuten in een voorverwarmde oven van 175 graden. De vormpjes werden voor 3/4 gevuld)

Mushu

Eind 2009 kochten vriendlief en ik ons eerste huisje. Ergens in mei het jaar erop adopteerden we onze kater, Mushu. Een klein katertje die werd geboren op de poezenboot in Gent. We kozen bewust voor een kat uit het asiel. Gezien ik nog niet zo vertrouwd was met huisdieren, ging mijn aandacht vooral naar het rustig karakter van onze Mushu.

De eerste dagen waren wennen, zowel voor ons als Mushu. Hij moest de eerste nacht in de keuken blijven van ons. Een grote doos in het deurgat moest voorkomen dat hij op verkenning in de living ging. Maar daags nadien vonden we Mushu nergens meer. Hij had zich verstopt onder de kast, nauwelijks zichtbaar.

Het kleine katertje werd een heuse kater, te herkennen aan het witte puntje op zijn staart. Naar buiten gaan mocht hij eerst niet, later wilden we hem toch het straatleven leren kennen. Musje had echter weinig interesse en bleef liever binnen.

In zijn vorig leven was onze Mushu volgens ons een inbreker. Hij was specialist in het openen van de livingdeur (door aan de klink te hangen) en verraste ons geregeld in het midden van de nacht op een bezoekje.

Hoe leuk was het niet om ’s avonds gezelschap in de zetel te hebben wanneer ik alleen thuis was. Of tijdens telewerkdagen met Mushu op mijn schoot te werken.

Ook voor de kindjes was Mushu een toppertje. Hij ging zeer voorzichtig om met ze en als het hem te veel werd, trok hij zich terug in zijn krabpaal.

Dag op dag een jaar geleden was Mushu er plots niet meer. Een bloedinkje zou aan de oorzaak hebben gelegen van zijn plotse heengaan.

Een nieuw kat is er nog niet gekomen. De oudste vraagt nog geregeld waar Mushu is en vraagt ook naar een nieuwe poes. Maar daar zijn wij nog lang niet aan toe.

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑